Een eenvoudige afstandhouder is bruikbaar als leeroefening omdat drie maten de hoofdvorm bepalen: buitendiameter, gatdiameter en hoogte. Houd de toepassing niet-dragend en controleer de export als nieuw bestand. Dit is geen advies voor een constructieve, elektrische of veiligheidsfunctie.
Download het invulbare werkblad in CSV. Open het lokaal als UTF-8 met een komma als scheidingsteken en vervang de voorbeeldwaarden door je eigen gegevens.
1. Schrijf functie en grens op
Noteer wat de afstandhouder uit elkaar houdt en bevestig dat hij geen belasting of veiligheidsfunctie draagt. Kies eenheid en één referentievlak. Als de functie meer vraagt dan een eenvoudige ring, stop dan met deze oefening.
Voor de opgeslagen oefening is de functie beperkt tot een digitaal meetmodel. De onderzijde bij Z = 0 is het referentievlak; de as loopt in Z-richting. Daardoor zijn buitendiameter, gatdiameter en hoogte ondubbelzinnig te controleren.
2. Leg drie hoofdmaten vast
Meet buitendiameter, gatdiameter en hoogte. Noteer meetmiddel en herkomst. Bereken de nominale radiale wand als de helft van buitendiameter min gatdiameter. Die berekening is geometrie, geen sterktebewijs.
Voor 20 millimeter buiten en 10 millimeter binnen is de radiale wand (20 − 10) ÷ 2 = 5 millimeter. Trek de diameters eerst van elkaar af en halveer daarna; 10 millimeter is het verschil over twee tegenoverliggende wanden, niet de wand aan één zijde.
3. Teken twee concentrische cirkels
Plaats binnen- en buitencirkel rond hetzelfde middelpunt. Geef de diameters als expliciete maten. Controleer dat de gatdiameter kleiner is dan de buitendiameter en dat geen nul- of negatieve wand ontstaat.
Het controleerbare alternatief in de fixture gebruikt 64 segmenten voor beide cirkels. Iedere binnenringpunt ligt op radius 5 en iedere buitenringpunt op radius 10 rond hetzelfde middelpunt. Tussen de hoekpunten bestaat de opening uit rechte koorden: de kleinste vrije diameter over twee tegenoverliggende zijden is daardoor ongeveer 9,987955 millimeter. Dit segmentaantal is een fixturekeuze, geen universele kwaliteitsinstelling.
4. Extrudeer tot de gekozen hoogte
Maak van het ringprofiel één lichaam met de vastgelegde hoogte. Controleer boven- en ondervlak en de richting van de extrusie. Voeg geen afrondingen of passing toe zonder nieuwe maten.
De bewijsroute is reproduceerbaar met Python 3. Download het controlescript en de referentie-STL naar één lokale map en voer daar python 40-create-check-spacer.py uit. Het script schrijft 40-afstandhouder-oefening.stl en 40-afstandhouder-verification.json opnieuw. Bewaar een aparte kopie van de referentie-STL wanneer je de gedownloade bytes wilt vergelijken.
5. Gecontroleerde digitale oefening
Het opgeslagen voorbeeld gebruikt nominaal buiten 20 millimeter, gat 10 millimeter en hoogte 6 millimeter. Het script genereerde een ASCII STL met 512 facetten, las alle 1.536 hoekpuntrecords terug en controleerde beide hoekpuntradii, de kleinste afstand tot de binnenranden, hoogte en asgrenzen. De randtelling vond nul open randen, nul niet-manifold randen en nul windingverschillen. Geen CAD-interface, slicer, fysieke print, passing of belasting is getest.
| Kenmerk | Oefenwaarde |
|---|---|
| Buitendiameter | 20 mm |
| Nominale gatdiameter en diameter langs hoekpunten | 10 mm |
| Kleinste vrije veelhoekdiameter | circa 9,987955 mm |
| Hoogte | 6 mm |
| Nominale radiale wand | 5 mm |
| Open of niet-manifold randen | 0 |
6. Herimporteer de STL
Open de export los van het model. Controleer bounding box, gatopening, vlakke uiteinden en facetaantal. STL bewaart de eenheid niet, dus leg millimeter apart vast. Een correcte maat op het scherm is nog geen fysieke passing.
Controleer het gat afzonderlijk: de buitenste bounding box kan 20 × 20 × 6 kloppen terwijl het binnenste gat ontbreekt of te klein is. In de receipt zijn de binnenste en buitenste hoekpuntradii respectievelijk 5 en 10 millimeter. De binnenrand van de 64-hoek ligt tussen de hoekpunten iets dichter bij het middelpunt; het script meet daarom ook de apothema en vindt een kleinste vrije diameter van ongeveer 9,987955 millimeter. De Z-grenzen 0 en 6 leveren de hoogte. Geen van deze digitale waarden bewijst fysieke speling.
7. Plan een proef en stopgrenzen
Stop bij een onbekende asmaat, ontbrekende speling, excentrisch gat of een dragende toepassing. Voor echte passing moet een projectgebonden proef en meetcriterium worden afgesproken.
Werkvoorbeeld van een afwijzing: de herimport meet buiten 20 en hoogte 6 millimeter, maar de kleinste vrije meshdiameter is 9,6 in plaats van de gevraagde 10. De wand wordt op die doorsnede (20 − 9,6) ÷ 2 = 5,2 millimeter. De bounding box is onveranderd, maar de functionele maat wijkt 0,4 millimeter af. Besluit: niet goedkeuren op buitenmaat; controleer bron, export en afgesproken passing voordat een proef wordt overwogen.
8. Bewaar het ontwerpblad
Vul functie, drie maten, berekening, exportnaam en herimportcontrole in. Begin voor verdere beoordeling bij de vier startpunten voor een 3D-printaanvraag. Voor een model met aanvullende features blijft 3D-model laten maken de route. De oefening is geen offerte of productiebelofte.
